Bosbehoud

Bosbehoud

Bosbehoud en -bescherming is hot. Jammer genoeg vooral door onheilspellende berichten. Denk maar aan de recente kap van het Ferrarisbos in Wilrijk, het door uitbreiding van de Brusselse ring bedreigde Laarbeekbos, het door de Oosterweelverbinding bedreigde Sint-Annabos en Noordkasteel. De verschillende bosbarometers bewijzen het ook. Jaar na jaar worden er in Vlaanderen honderden hectares bossen gekapt om plaats te maken voor industrie, infrastructuur en woonzones.

Ook wereldwijd hangt de toekomst van veel bossen aan een zijden draadje. Denk maar aan de vele berichten over grote bosbranden in California, Zuid-Europa en Australië, in veel gevallen moedwillig aangestoken. Recent besliste de Ecuadoriaanse president om dan toch olieboringen toe te laten in het unieke bosgebied Yasuni...

Bedreigingen

Overal ter wereld zijn sommige bossen sterk bedreigd.

Vlaanderen

Vlaanderen is een slechte leerling in de klas wat betreft bosbehoud en -bescherming. Volledig tegen de Europese trend in, slaagt Vlaanderen er maar niet in om voldoende betekenisvolle bosuitbreidingsdossiers concreet te maken (zie o.a. stadsrandbossendossier). En er schort niet alleen iets aan onze bosuitbreiding, ook wat bosbehoud betreft blijft BOS+ samen met andere organisaties uit verschillende sectoren en de bevolking op zijn honger zitten!

De ruimtelijke wanorde en een te laks beleid ten aanzien van bosbehoud zijn de grote boosdoeners. Vlaanderen is een land van lintbebouwing, een dicht wegennet, voortschrijdende bodemafdichting... Zaken die ons heel wat parten beginnen te spelen op vlak van mobiliteit, infrastructuur, volksgezondheid, milieukwaliteit... Door de lintbebouwing en onze verspreide bewoning kosten wegenaanleg, riolering en andere zaken handen vol geld en bovendien is het moeilijk om een rendabel openbaar vervoer op poten te zetten. Het gevolg is dat we allemaal samen miljoenen uren doorbrengen in files. De remedie daarvoor die tot op heden veelal wordt aangewend is nog meer of bredere wegen en infrastructuur. Het gevolg daarvan is dat onze open ruimte verder wordt versnipperd en dat bossen bedreigd worden door deze nieuwe infrastructuur (Laarbeekbos, Sint-Annabos, Ferrarisbos in Wilrijk...).

Gelukkig hebben we een bosdecreet dat duidelijk stelt dat ontbossing in Vlaanderen verboden is. Jammer genoeg zijn er twee achterpoortjes om een ontheffing op deze regel te bekomen. Dat deze achterpoortjes wagenwijd open staan, blijkt uit de honderden hectares bos die jaarlijks in Vlaanderen volledig legaal ontbost worden (zie bosbarometers). De zonevreemde bossen (of bossen die niet in een groene bestemming liggen) zijn veruit het kwetsbaar, in Vlaanderen is ongeveer 1/3 of 60.000 hectare bos in dit geval. Bossen die in woon- of industriegebied liggen kunnen simpelweg door het afleveren van een stedenbouwkundige vergunning door de gemeente ontbost worden. Bossen in andere gewestplanbestemmingen kunnen door een ministeriële ontheffting ontbost worden. Beide procedures komen zeer frequent voor.

Iedere ontbosser is verplicht, hetzij in natura door op eigen initiatief op een andere plaats een nieuw bos te planten, hetzij door een financiële compensatie door het storten van een bedrag in het boscompensatiefonds waarmee de overheid nieuwe bossen wil planten. Qua netto-oppervlakte verandert er dan toch niets kan je denken. Ware het niet het boscompensatiefonds ondertussen bijna uit zijn voegen barst maar er nog maar zeer weinig nieuwe bossen zijn aangeplant, men vindt simpelweg geen plaats voor de nieuwe bossen. Bovendien duurt het tientallen of zelfs honderden jaren vooraleer een jong bos dezelfde ecologische waarde bereikt als een bos dat eeuwenoud is.

tropen

In enkele Tropische regio's bevinden zich nog uitgestrekte bossen, denk maar aan Zuid-Amerika, Centraal-Afrika en Zuid-Oost-Azië. Ontbossing is ook daar een reëel probleem, de problematiek is echter anders dan in Vlaanderen en ook de schaal is helemaal anders. Onderstaand beschrijven we enkele oorzaken van ontbossing in de Tropen.

In veel gevallen zijn de rijke Westerse wereld en opkomende, nieuwe economieën indirect de oorzaak van ontbossing van waardevolle tropische regenwouden. Vaak sneuvelt bos voor industriële, grootschalige en intensieve landbouw. Plantaardige olieën in de voedingssector en biodiesel is vaak afkomstig van palmolieplantages waarvoor miljoenen hectares bos sneuvelen. Onze Vlaamse intensieve veeteelt bestaat maar bij gratie van de import van soya uit bijvoorbeeld Zuid-Amerika en in onze frisdranken zitten grote hoeveelheden suiker die geproduceerd wordt op uitgestrekte rietsuikerplantages.

Ook de onstilbare honger van de wereld naar fossiele brandstoffen en andere grondstoffen is een oorzaak van ontbossing. Vele bossen worden bedreigd door olieboringen en (open) mijnbouw. Vaak gaat deze industrie gepaard met wegenaanleg en ernstige vervuiling.

Uiteraard blijft illegale houtkap ook een probleem. Zonder na te denken over duurzaam bosbeheer worden nog steeds grote hoeveelheden tropisch hardhout gekapt. Wat overblijft is een gedegradeerd ecosysteem dat tientallen of honderden jaren nodig heeft om zich te herstellen.

Dergelijke ontbossingen stellen zich het scherpst in ontwikkelingslanden waar armoede heerst. Lokale beleidsmakers kiezen er onder impuls van buitenlandse investeerders voor snel geldgewin i.p.v. te kiezen voor duurzaam beheer wat op langetermijn veel rendabeler en interessanter is.