Honderd landen, waaronder Brazilië en België, beloven (pas) binnen tien jaar einde aan ontbossing

34146616612_bd1314aea4_o.jpgdinsdag 02 november 2021

Vandaag zullen wereldleiders, waaronder onze Eerste Minister Alexander De Croo, op de COP26 beloven de ontbossing tegen 2030 een halt toe te roepen om zo het klimaat te beschermen. Ook België heeft dit akkoord mee ondertekend. Volgens BOS+ een stap in de goede richting, al moet de deadline strakker, de investering groter en de verbintenis een pak minder vrijblijvend.

Auteurs: Pieter Van De Sype en Laure De Vroey

Meer dan 100 leiders van landen die samen goed zijn voor 85 procent van alle bossen in de wereld hebben een akkoord bereikt dat tegen 2030 een eind moet maken aan ontbossing. Bij de ondertekenaars zijn landen als België, China, Rusland, Brazilië, Colombia, Indonesië en de Democratische Republiek Congo.

Samen gaan de landen 10,34 miljard euro publieke middelen en 7,2 miljard euro aan privémiddelen investeren. 30 van de grootste financiële instellingen beloven tegen 2025 te stoppen met investeringen die leiden tot activiteiten gelinkt aan ontbossing. Daarnaast doen ook grote producenten en consumenten van grondstoffen die verband houden met ontbossing mee, waaronder soja, vlees, cacao, koffie en palmolie. Ze beloven zich in te zetten voor het stopzetten van de inname van bos en natuur voor o.a. grootschalige landbouw.

Waar leggen we de lat?

BOS+ juicht elk initiatief toe dat een einde wil maken aan de grootschalige natuurvernietiging die vandaag de wereld teistert. Maar om het bosverlies op aarde een halt toe te roepen - in 2020 zagen we nog een stijging van 12% t.o.v. 2019 - hebben we daadkrachtige acties nodig om het tij te keren.

De staat van onze bossen en de snelheid waarmee er vandaag gekapt wordt, laten echt niet toe dat er nog negen jaar vrijuit mag ontbost worden. Het is noodzakelijk dat de curve van ontbossingscijfers nu razendsnel afbuigt. Minstens even belangrijk als de deadline in 2030 zijn daarom strakke tussentijdse doelstellingen die moeten worden gehaald. We hebben nood aan een ambitieus afbouwscenario met tussentijdse doelstellingen dat verzekert dat wereldwijde ontbossing op korte termijn zeer drastisch wordt verminderd en volledig wordt uitgebannen tegen 2030.

Vrijwillig karakter is achilleshiel van deze deal

Daarnaast zijn er nog te veel pertinente vragen die onvoldoende antwoord kennen om te spreken van een historische deal. Dit akkoord is bijvoorbeeld geen structureel onderdeel van het Akkoord van Parijs. Er moet dus heel wat in het werk gesteld worden om de engagementen en beloftes structureel op te volgen. Wie zal de verschillende landen, bedrijven en instellingen aan hun beloftes herinneren wanneer deze niet worden nagekomen?

Daarnaast is het vrijwillig karakter van deze verbintenis een groteachilleshiel van deze bosdeal: geen enkel land, bedrijf of instelling kan aansprakelijk gesteld worden wanneer doelstellingen niet worden gehaald. Spijtig genoeg leverden eerdere vrijwillige verbintenissen voor een ontbossingsstop weinig op.

In 2014 ondertekenden meer dan tweehonderd regeringen, bedrijven, ngo’s en inheemse organisaties de New York Declaration on Forests. Ze beloofden de tropische ontbossing tegen 2020 te halveren en tegen 2030 te beëindigen. Zeven jaar later blijft het internationale verdrag grotendeels een dode letter. Uit een voortgangsrapport blijkt dat een meerderheid van de boslanden de doelen niet heeft opgenomen in hun laatste klimaatbeloften aan de VN.

Sterke punten

Dat er grote bedragen zullen worden geïnvesteerd, doet ons vermoeden dat het deze keer niet alleen bij woorden zal blijven. 12 miljard dollar gaat naar ontwikkelingssamenwerking om landen te helpen hun bos te beschermen en te herstellen en daarvan gaat 1,5 miljard dollar specifiek naar het regenwoud in Congo. Een goede zaak aangezien het regenwoud in Congo onder grote druk staat.

Daarvan wordt 1,7 miljard dollar besteed aan inheemse gemeenschappen,wat volgens BOS+ dan weer te weinig is voor de belangrijke spelers die deze gemeenschappen zijn. Onderzoek toont aan dat lokale en inheemse gemeenschappen die in of rond het bos wonen een enorm belangrijke rol vervullen als beschermers van hun leefomgeving. Het zijn niet alleen strenge bewakers van hun bossen, maar ook stewards van het klimaat en de biodiversiteit.

BOS+ sluit zich tot slot aan bij de stelling van Bart Muys die terecht stelt dat bossen in Brazilië en Indonesië vooral verdwijnen voor grootschalige landbouw, voor producten die onder andere naar België komen (De Ochtend, Radio 1, 02/11/2021). Een goede zaak dus, dat er geld naar die landen gaat, zodat ook zij de ontbossingsstop kunnen betalen.

Maar ook de vraagkant staat voor een belangrijke ommeslag. Onbewust consumeren wij namelijk producten met ingrediënten afkomstig uit ontboste gebieden of andere verwoeste habitats zoals savannes. De Europese Unie laat deze producten nog altijd toe op de EU-markt, maar zal de komende weken een nieuw wetsvoorstel voorstellen dat dit niet meer mogelijk maakt. Volgens BOS+ is deze EU-boswet cruciaal om de vernieuwde ontbossingsdoelstellingen te halen.

BOS+ tekent dit jaar aanwezig op de COP. We nemen er plaats naast onze partners, om er de stem van de inheemse gemeenschappen luider te laten klinken. Daarnaast kijken we als waarnemer van de onderhandelingen in het bijzonder zeer nauw toe op de rol die bossen, bomen en natuurlijke klimaatoplossingen krijgen in het internationaal klimaatbeleid. Als lid van de Klimaatcoalitie dragen we ook de aanbevelingen uit die door dit netwerk van Belgische ngo’s werd voorbereid. Onze concrete verwachtingen van BOS+ kan u hier nalezen.

« Terug