Houtcertificering in Bolivia: een van de oplossingen voor 's lands massale ontbossing?

DSC_0176(2).pngwoensdag 03 oktober 2018 13:09

Volgens WWF Bolivia verdwijnt er jaarlijks 6,5 miljoen hectare bos in de wereld, dat zijn 17 voetbalvelden per minuut. Ook in Bolivia gaat het hard. Ongeveer de helft van de oppervlakte van Bolivia, een land 36 keer zo groot als België, bestaat uit bos. Een vierde van dat bos wordt gebruikt voor commerciële doeleinden. Tussen 2001 en 2013 registreerde het ABT, het Boliviaans Agentschap voor Bossen en Gronden, een ontbossing van ongeveer 2,3 miljoen hectare. 

Tot midden jaren ´90 werd er massaal en ongereguleerd gekapt in Bolivia. Commercieel hout (zoals Mara, MoradoCedro en Robleverdween in sneltempo zonder enige vorm van controle. In 1996 werd een nieuwe bosbouwwet geïmplementeerd in een poging een rem te zetten op de massale ontbossing. Deze wet stimuleert een planmatig gebruik en duurzaam beheer van bossen. Er moet onder meer geïnventariseerd worden, en de soorten die onder druk staan, moeten bespaard blijven van grootschalige roof.  

De wet bepaalt ook dat er rekening moet gehouden worden met sociale en economische factoren en stelt dat zowel de inheemse gemeenschappen als de bedrijven baat moeten hebben bij het bos 

Omdat aanvankelijk niemand controleerde of deze wet werd toegepast, werd het AB(het Boliviaans Agentschap voor Bossen en Gronden ) in 2010 aangesteld om inspecties uit te voeren. Het ABT had nood aan instrumenten en richtlijnen en daarom hebben ze in 2015 het SBCBI (Sistema Boliviana de Certificación de Bosques e Incentivos), een Boliviaans certificeringssysteem, in het leven geroepen.  

Illegaal hout fnuikt de vraag naar gecertificeerd hout 

Hout laten certificeren gaat samen met een kostprijs en veel papierwerk. Kosten die de gemeenschappen niet kunnen of willen dekken. De vraag naar gecertificeerd hout blijft namelijk laag in een land waar de koop en verkoop van illegaal hout welig tiert 

Toch wegen de administratieve lasten niet op tegen de baten”, zegt Mauricio Moreno, inspecteur van het certificeringssysteem SBCBI. De SBCBI-certificering is gratis en eens gemeenschappen volgens dit systeem werken, is het eenvoudiger om beroep te doen op internationale labels zoals het FSC en PEFC.  

Baas over eigen bos 

Gemeenschappen kunnen in verschillende fases hun houtketen laten evalueren. Ze kunnen zo gradueel evolueren van een rode, over een gele, naar een groene evaluatie. Het SBCBI reikt de lokale bevolking de tools aan om duurzaam en verantwoord hún bos te beheren. Zo blijven ze baas over eigen bos en kunnen ze zelf onderhandelen met de bedrijven.  

Het SBCBI biedt voordelen zoals een betere toegang tot de legale houtmarkt en de mogelijkheid om te lenen bij een bank. Een duidelijk plan is wel een vereiste. Hier is een voorbeeld van dergelijk plan: de gemeenschappen maken een inventaris van het stukje bos waar ze dat jaar willen kappen. Ze laten de jonge sterke bomen met goede eigenschappen staan zodat hun zaden kunnen dienen om te herbebossen, en laten 80% van het commercieel hout kappen.  

Ze kappen met andere woorden systematisch met het oog op de toekomst. “De bossen zijn de toekomst van onze kinderen, dus we moeten er goed mee omspringen”, bevestigt Anacleto Peña, een bosbouwingenieur uit de regio Lomerío. 

Werk aan de winkel 

Toch kaarten de gemeenschappen ook enkele pijnpunten aan. De bedrijven blijven in de praktijk baas over het bos omdat ze de marktprijzen bepalen. “We moeten dringend een minimumprijs afspreken onder de gemeenschappen zodat bedrijven ons niet langer tegen elkaar kunnen uitspelen, zegt MargaritCharpa, een van de lokale leidsters 

Bedrijven geven lage prijzen voor het hout, en weigeren soms om goed hout mee te nemen. Een stam die net iets te krom is, wordt tegen de afspraken in niet aangekocht door de bedrijven. Zo ontstaat er verlies en worden bomen voor niets gekapt. Volgens het SBCBI moet er steeds gewerkt worden met een onafhankelijke toezichthouder, maar veel bedrijven zorgen voor hun eigen toezichthouder en zetten zo de controle van de houtkap naar hun hand.  

De gemeenschappen proberen daarom zo veel mogelijk aanwezig te zijn tijdens de houtkap. Door een gebrek aan mankracht bij het SBCBI, in Bolivia zijn er slechts 10 inspecteurs werkzaam, wordt er weinig gevolg gegeven aan inbreuken. Dit zorgt voor een gevoel van straffeloosheid bij de bedrijven.  

Bewakers van het bos 

Alcides Pinto, de inheemse leider van gemeenschap Río Blanco, maakt zich boos en vraagt zich luidop af “waarom er direct en streng bestraft wordt als er koeien gestolen worden uit de gemeenschap, maar waarom er niets gebeurt als men de bomen steelt.” 

Als Bolivia zijn bomen wil beschermen en daarmee ook zijn natuurlijke rijkdommen, dan heeft het dringend nood aan een duurzaam ontwikkelingsmodel. Wil Bolivia écht werk maken van de bescherming van zijn bossen, dan moet het onder andere inzetten op meer middelen voor controlemechanismen zoals het SBCBI, een duidelijker wetgevend kader en een betere samenwerking met de lokale gemeenschappen. Het is tijd om écht te luisteren naar de lokale bevolking. Zij zijn namelijk de échte bewakers van het bos. 

 
*Bos+ ondersteunt via lokale partners IBIF, WWF Bolivia en Probioma de inheemse gemeenschappen van Lomerío, Bolivia. 

 

« Terug