Opinie | De Vlaamse bosoppervlakte en de pijnlijke bochten van Schauvliege (deel II)

DSC05947.pngdonderdag 22 februari 2018 10:23

Vraagje: als de Bosinventaris de beste methode is, waarom blijft de Vlaamse minister bevoegd voor bos dan nog steeds andere cijfers de wereld insturen?

Zucht. De Vlaamse bosoppervlakte. Nadat ze 8 jaar lang het onverdedigbare heeft verdedigd (nl. de ongeloofwaardige oppervlaktes die uit de Boswijzer naar voor kwamen), en op de parlementaire hoorzitting van november jl. uiteindelijk niet anders meer kon dan haar bocht maken en toegeven dat een andere methodiek (die van de Bosinventaris) beter was, staat Joke Schauvliege nu al helemaal klaar om de anderen af te schieten omdat ze – terechte – vragen stellen bij de vele officiële “Vlaamse bosoppervlaktes” die we tot op vandaag over ons heen blijven krijgen. Vorige week kwam nog maar eens een nieuwe serie boscijfers (o.b.v. nóg een andere methodiek) aan het licht die Vlaanderen blijkbaar al jaren aan Europa meedeelt. Uiteraard kwamen daar opnieuw vragen over in het Parlement.

Schauvliege stond echter pal: “Wie graag garen spint op basis van verwarring en doet alsof het allemaal één grote chaotische boel is: lees alsjeblieft nog eens het verslag van de hoorzitting. Het doet misschien pijn dat u in die hoorzitting hebt moeten horen dat het beste instrument dat we hebben, onze Bosinventaris is. Nogmaals, zolang er niet iets is waar iedereen op het veld zich in kan vinden, zal er ook niets anders zijn dan de Bosinventaris. Dat is voor mij het enige juiste instrument waar we ook verder op zullen werken. Het is de enige juiste conclusie. Wie verwarring wil blijven zaaien, die moet dat maar doen, maar die heeft zelf een verpletterende verantwoordelijkheid wat betreft het draagvlak rond bossen.”

Vraagje: als de Bosinventaris de beste methode is (wat wij al véééééééééééél langer zeggen dan u, beste Joke), waarom blijft de Vlaamse minister bevoegd voor bos dan nog steeds andere cijfers de wereld insturen? Acht jaar lang zeggen dat methodiek A (de Boswijzer) het enige juiste instrument is, dan je bocht maken en toegeven dat methodiek B (de Bosinventaris) de enige goede is, terwijl er ondertussen achter je rug nog een andere methodiek C (van de universiteit van Gembloux) uit de kast komt gevallen. En ondertussen met scherp schieten op zij die daar vragen over stellen. In goed Gents noemen ze dat “nen kazakkendraaier”.

Kom hier te weten hoe het eraan toeging tijdens de Commissie Leefmilieu en Natuur met enkele prangende vragen voor minister Schauvliege.

« Terug