Geel stopt met het innemen van open ruimte

maandag 20 november 2017

Geel heeft een nieuw beleidsplan Ruimte. Hiermee wil de gemeente een stop zetten op de inname van nieuwe open ruimte tegen 2030. De media berichtten in september dat Geel daarmee de eerste Vlaamse stad is die de betonstop in praktijk brengt, maar de dienst stadsontwikkeling wil het zelf geen 'betonstop' noemen. De stad wil wel de kernen versterken én zuiniger met ruimte omspringen.

In 2014 is de Kempense gemeente gestart met het vormgeven van een nieuwe toekomstvisie, na bijna vier jaar is het plan klaar. De inwoners van de kernstad en de deelgemeenten van Geel konden tijdens het hele traject meedenken en meebeslissen.

De doelstellingen

Het beleidsplan ruimte Geel vertrekt van 7 strategische doelstellingen die de basis vormen voor het ruimtelijke beleid.

1. Open ruimte vrijwaren

In eerste instantie wil Geel voorkomen dat de nog beschikbare open ruimte, die grotendeels wordt gebruikt als landbouwgrond, verder wordt ingenomen. Daarom probeert de stad om geen nieuwe vergunningen te verstrekken voor nieuwe bouwprojecten in de open ruimte. Maar de vraag is in welke mate dit ook politiek en juridisch gezien haalbaar is.

Vergunningsaanvragen moeten eerst worden getoetst aan het bestaande juridische kader van het gewestplan en aan de plannen waar per locatie en bestemming beschreven staat wat er is toegelaten (Ruimtelijke uitvoeringsplannen en Bijzondere plannen van aanleg). Projecten die volgens deze voorschriften worden toegelaten maar in strijd zijn met de ruimtelijke ordening zijn heel moeilijk te weigeren volgens de procedures die nu moeten worden gehanteerd.

Om de open ruimte effectief te kunnen vrijwaren van nieuwe bouwprojecten hebben de gemeenten nood aan bijkomende hulpmiddelen vanuit de Vlaamse overheid of aan financiële middelen om de schade die grondeigenaars zullen leiden te vergoeden.

Vanaf 2030 wil Geel het bijkomende ruimtebeslag binnen de open ruimte tot nul herleiden. Maar de stad gaat nog verder: bepaalde gebieden worden herbestemd van woonuitbreidingszone naar open ruimte.

2. Kern verdichten

Om de verdere groei van Geel op te vangen gaat de stad de kern versterken en verdichten, en zuiniger met ruimte omspringen. Bijvoorbeeld door de herontwikkeling van bestaande bebouwde ruimtes of het maken van polyvalente ruimtes, zo kunnen er meerdere activiteiten in eenzelfde ruimte plaatsvinden. Buiten de woonkernen van Geel en zijn deelgemeenten mogen er geen bijkomende ruimtes voor stedelijke functies worden ingericht.

Zo kunnen de bestaande kwaliteiten van de stad behouden blijven, zoals de waardevolle open ruimtes in en rond de kernen en het niveau van de stedelijke voorzieningen op basis van zorg, onderwijs en cultuur.

Om dit goede voorzieningenniveau te behouden is het belangrijk om de stad niet te snel te laten groeien, zodat er tijd is om de voorzieningen mee te laten groeien. Al de projecten die niet kernversterkend werken worden vermeden.

3. Identiteit behouden

In het verleden is er veel te weinig rekening gehouden met de omgeving waarin een nieuw project werd gerealiseerd en hierdoor werden bestaande kwaliteiten aangetast, zoals het verloren gaan van waardevolle historische gebouwen en eeuwenoude bomen.

Met het nieuwe beleidsplan wil de stad er rekening mee houden dat nieuwe projecten passen in de omgeving en identiteit van een plek. Hiervoor moeten de projectontwikkelaars kijken naar de kwaliteiten van de plek waar ze hun project willen realiseren en ook wil de stad hierover eerst met zijn bewoners overleggen.

4. Duurzame mobiliteit en opwaarderen openbare ruimten

Ten vierde wil Geel werken aan een duurzaam mobiliteitsplan waarbij maximaal wordt ingezet op milieuvriendelijke vervoersmethoden (te voet, fiets, openbaar vervoer en autodelen) en op het tegengaan van verkeer in dichtbevolkte gebieden.

Daarmee samenhangend wil de stad de openbare ruimten opwaarderen (speelpleinen, parken, wegen, parkeerplaatsen, bermen, enzovoort) omdat deze heel belangrijk zijn voor de kwaliteit van de woon- en werkomgeving van Geel en dienst kan doen als ontmoetingsplaats van de Gelenaars.

5. Centrumrol versterken

Volgens een studie van de KU-Leuven heeft Geel de beste uitrustingsscore van alle kleinstedelijke gebieden. Dit is het beste voorzieningsniveau op basis van educatie, zorg, recreatie en cultuur. De stad wil deze toppositie behouden en daarvoor wil het bestuur Geel bekender maken in zijn omgeving en kansen voor ontwikkeling in de toekomst creëren.

Een goede verbinding met de omliggende gemeenten en steden creëren en onderzoeken hoe de verschillende troeven elkaar kunnen versterken, zijn ook belangrijke werkpunten. De aantrekkelijkheid van Geel als woongemeente zal zo toenemen. Maar toch wil de stad uit respect voor de identiteit van Geel gaan voor een kwaliteitsvolle in plaats van een snelle groei.

6. Zorgzame samenleving behouden

De stad wil ook werken aan een zorgzame samenleving waar alle mensen zich welkom voelen en kunnen ontplooien. Geel heeft namelijk een eeuwenoude geschiedenis met het opvangen van mensen met een mentale beperking bij gezinnen thuis. Hierdoor draagt de stad de titel ‘Barmhartige Stede’. Ook nu nog zijn er ongeveer 360 gezinnen die onderdak bieden aan geesteszieken voor een korte of langere tijd. Deze tradities in verband met respect en zorgen voor de medemens zitten nog altijd in de genen van de Gelenaars.

In het ruimtelijke beleid wil de stad hierop inspelen door een sociale mix in nieuwbouwprojecten te bekomen. Dit kan gedaan worden door verschillende projectontwikkelaars te gaan sturen naar een nieuw soort plan met verschillende soorten woningen in één project, met bijvoorbeeld openstaande huizen, maar ook rijhuizen en sociale woningen. Er hoeft bijvoorbeeld niet bij elk huis een parkeerplaats te zijn.

Ook wilt de stad ontmoetingen stimuleren door te werken aan kwalitatieve openbare ruimtes, werkplekken te voorzien in het bebouwde gebied en ruimte te voorzien voor recreatie. Er zijn al een redelijk veel openbare ruimtes maar ze willen voor elke bewoner van Geel dat er een stuk openbare ruimte op wandelafstand van hun huis aanwezig is. Geel wil ook meer stadgroen aanbrengen en vergroenen waar mogelijk door bijvoorbeeld nieuwe boompjes te planten maar ook zoeken ze naar andere mogelijkheden zoals groene gevels, kleine stoeptuintjes, enzovoort.

Er zal ook worden gewerkt aan de verweving van verschillende functies zoals zorg, onderwijs, cultuur, diensten en wonen, zo kunnen er multifunctionele ruimten worden gecreëerd. Door al deze relevante partijen met elkaar te verbinden en samenwerkingen en vernieuwing te stimuleren, zal Geel toonaangevender worden voor zijn omgeving.

7. Klimaatneutraal maken

Een duurzaam ruimtelijk beleid probeert om de energiebehoeften zo veel mogelijk te verminderen. Dit kan door bijvoorbeeld energiezuinige gebouwen te voorzien, de nabijheid van milieuvriendelijke mobiliteit in de hand te werken en het maken van multifunctionele ruimtes.

In de toekomst zal hoofdzakelijk hernieuwbare energie gebruikt worden als brandstof waardoor dit als maar meer aan belang zal winnen en ook een grotere ruimtelijke impact zal hebben. Waar nodig zal dus het ruimtelijk- en vergunningenbeleid aangepast moeten worden om tegen 2040 Geel klimaatneutraal te maken.

Negatieve bijklank

‘Betonstop’ heeft een negatieve bijklank en dit is niet zomaar. Heel wat mensen maken zich zorgen over het verlies in waarde van hun woning of bouwperceel of denken dat er niets meer kan worden gebouwd en vinden deze stap te verregaand. Dat de waarde van bepaalde plekken zal dalen staat onherroepelijk vast, dit zullen vooral de grote verouderde villa’s en slecht gelegen percelen zijn in de buitengebieden.

Veel mensen willen nog altijd op het platteland wonen, maar ze staan niet stil bij de grote maatschappelijke kosten die gepaard gaan met deze keuze. Door een goed ruimtelijk beleid, door sensibilisering en door adequate maatregelen rond de financiële kosten van het perifeer wonen, kan deze gedachtegang in de toekomst veranderen. De stad zal hierop moeten inspelen om de huizen in de stad aantrekkelijker te maken met bijvoorbeeld daktuinen, veranda’s, stoeptuintjes, grotere groene domeinen enzovoort. Zo kan een huis in de stad de mensen ook een plattelandsgevoel geven.

« Terug