Extreme regenval, overstromingen en grondverschuivingen geselen Latijns Amerika

overstromingmaandag 24 april 2017 16:26

Bijdrage door vrijwilliger Marc Missoorten

Medio april 2016 trof een zware aardbeving Ecuador. Een jaar later zijn de bijna duizend doden, de gewonden en de enorme materiële schade nog lang niet verwerkt. En toch treft nieuwe rampspoed het gebied rond de evenaar. Hevige regens, overstromingen en aardverschuivingen maken in Ecuador, Peru en Colombia opnieuw slachtoffers en veroorzaken schade. Begin april (2017) werd de Colombiaanse departementshoofdstad Mocoa in het Andesgebergte weggevaagd door een grondverschuiving. Alleen hier al vielen 312 doden, waaronder meer dan 100 kinderen.

Een artikel van Milton López Tarabochia voor Mongabay wijst het klimaatverschijnsel ‘El Niño’ (kader) als oorzaak van de waterellende aan. Wanneer El Niño het water in het oostelijk deel van de Stille Oceaan sterk opwarmt en er meer verdamping is, is verhoogde regenval het gevolg. Wolken worden langs de flanken van de Andes opgestuwd en botsen met luchtstromingen die opstijgen uit het Amazonegebied, aan de andere kant van het gebergte. Het contact kan hevig zijn en leidt tot intense regenbuien en onweders. Pas in december 2015 verscheen in de Revista Brasileña de Meteorología (1) een artikel dat de verregaande effecten van El Niño wereldwijd goed beschrijft.

Ondertussen stelt een aantal weerkundigen vast dat El Niño de laatste decennia frequenter optreedt en misschien ook meer en hevigere catastrofes uitlokt. Dr. Holm Tiessen, directeur van het Inter-Amerikaans Instituut voor onderzoek naar ‘Global Change’, wijt dit aan de wereldwijde klimaatwijziging. Of dit effectief zo is, moet nog aangetoond worden; niet iedere onderzoeker is daarvan overtuigd. Onderzoek baseert zich op een tijdslijn van ‘slechts’ iets meer dan een eeuw en zo is het bijvoorbeeld niet met zekerheid te zeggen of de nieuwste ‘anomalie’ in de weersomstandigheden, ‘el Niño Costero’ (2), een gevolg is van de Global Change, of dat het fenomeen toch binnen de normale variatie van de El Niño - cycli valt. Ook Dr. Tiessen geeft toe dat een afdoend meteorologisch model, dat wereldwijd rampen kan voorspellen, momenteel ontbreekt.

Dit betekent natuurlijk niet dat we machteloos moeten toezien hoe klimaatverschijnselen ramp na ramp veroorzaken. Veel onderzoek wijst er op dat een goede ruimtelijke planning de negatieve effecten van het natuurgeweld kan voorkomen of verzachten. Nu al tracht de Ecuadoriaanse watermaatschappij (3) in de provincie Guayas (met Guayaquil) duizenden hectaren land en honderdduizenden mensen van overstromingen te vrijwaren met een zestal grootschalige waterbouwkundige projecten.

Fernando Neyra, ex-directeur Ruimtelijke Ordening van het Peruviaanse Ministerie van Leefmilieu, zegt dat de verheviging van de regens niet nieuw is; zo veroorzaakte een fenomeen dat erg op El Niño Costero leek, in 1925 al dezelfde problemen. Zijn punt is dat men, voorafgaand aan de inname van woeste gronden niet of onvoldoende nagaat of het terrein geschikt is. Waar wel risicoanalyses opgemaakt werden, zoals in de steden Trujillo, Lambayeque y Piura, houdt men uit politieke kortzichtigheid geen rekening met de conclusies. Hij merkt op dat veel aardverschuivingen veroorzaakt door hevige regens, voorafgegaan werden door ondoordachte of illegale ontbossing van grote stukken tropisch bos. Hele berghellingen blijven dan kaal achter, ten prooi aan erosie. Het is symptomatisch dat El Carmen, de enige wijk van Mocoa die overeind bleef, beschermd werd door een hoger op de helling gelegen bosje; elders rond de stad was het bos verdwenen. Voor Dr. Neyra moet ruimtelijke ordening daarom ook wilde ontbossing en illegale inname van terrein bestrijden. ‘Tegelijkertijd moeten lokale projecten, die de landelijke bevolking perspectief bieden, de vlucht naar de steden tegengaan’ benadrukt hij en hij besluit: ‘Wanneer het moment daar is, manifesteert de natuur zich in al zijn kracht. We moeten ons daarop voorbereiden… we weten immers wat er gebeurt als we dat niet doen’.

El Niño
Langs de evenaar, in het oostelijk deel van de Stille Oceaan (Pacific), warmt sommige jaren het zeewater veel sterker op dan tijdens andere. Vereenvoudigd gesteld neutraliseren westenwinden de normale werking van de oost-gerichte passaatwind, waardoor warm oppervlaktewater zich voor de kusten van Ecuador en Peru ‘ophoopt’ in plaats van richting Australië en Indonesië te circuleren. Dit verschijnsel, dat onregelmatig – ruwweg om de drie tot acht jaar – optreedt, wordt El Niño genoemd en het is een fase van een groter weerkundig fenomeen, dat als de ‘zuidelijke schommeling’ (ENSO1) waarschijnlijk al vele duizenden jaren een vast onderdeel vormt van de ingewikkelde meteorologische context die het weer aan de westkust van Zuid-Amerika (en elders in de wereld) bepaalt. Voor de kusten van Ecuador en Peru verdampt in de jaren met El Niño het warme oceaanwater sneller dan normaal en dit leidt in de maanden april tot oktober tot zeer zware regenval, overstromingen en, in de Andes, ook tot grondverschuivingen en modderlawines.

Meer weten:

Steun onze tropische werking

(1) “Estudio de la influencia de ENSO (El Niño Southern Oscillation) sobre el clima de América del Sur realizado durante la década de 1980”
(2) Opwarming van het kustwater voor Peru en Ecuador ten gevolge van een verzwakking van de Humboldstroom, zonder dat het water verder in de oceaan ook opwarmt
(3) Empresa Pública del Agua de Ecuador

« Terug

Archief > 2017 > april