Brandhout: duurzaam of niet?

maandag 17 juli 2017

Hout wordt gebruikt om warmte op te wekken. Maar hout kan ook worden ingezet voor andere (meer milieuvriendelijke) toepassingen. Dit leidt tot een boeiend verhaal met een spanningsveld tussen milieubescherming en bos- en natuurbeheer.

Houtverbranding was de voorbije winter een hot topic. Op dagen met slechte luchtkwaliteit en veel fijn stof geeft de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) sinds vorige winter een stookadvies. Dit past binnen een campagne om de schadelijke effecten van houtverbranding op de luchtkwaliteit aan te kaarten.

1 op 4 gezinnen

Knack zocht uit dat meer dan één op vier Vlaamse gezinnen graag (bij)verwarmt met hout. Zowel in Vlaanderen als in onze buurlanden dient het grootste aandeel van het geoogste inheemse loofhout rechtstreeks voor verbranding. Voor Vlaanderen komt de meest recente schatting uit een publicatie door het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) van 2014. Hierin wordt de totale houtoogst in Vlaanderen geschat op 1 miljoen m³, waarvan ruim 700 000 m³ voor de informele brandhoutmarkt bestemd is. Ook toont het rapport een duidelijk stijgende trend in het verbruik van brandhout van 1994 tot 2012.

Hout voor verbranding is afkomstig van snoeiwerken en beheer in steden en tuinen, van houtafval, zagerijen, uit import, maar voor een groot deel ook van het bos- en natuurbeheer. Van regulier bosbeheer tot exotenbestrijding en kappen voor omvorming tot heide of andere natuur, heel vaak is de output brandhout.

De Oost-Vlaamse bosgroepen schreven eind januari een opiniestuk om de polemiek over houtverbranding te nuanceren. Met de titel ‘Het is perfect mogelijk om te verwarmen op hout zonder te vervuilen’ en de openingszin ‘Het lijkt alsof de Vlaamse overheid een heksenjacht begonnen is tegen de eigenaars van houtkachels’ namen ze een sterke stelling in en schuwden ze geen scherpe taal.

De argumenten

Zoals altijd is de realiteit complex. Het effect op de luchtkwaliteit is uiteraard van groot belang maar om een juist oordeel te vellen, bekijken we best meerdere aspecten. Wat zijn de voor- en nadelen van houtverbranding en op welk vlak zijn ze (niet) duurzaam? Welke nuances zijn belangrijk bij de luchtvervuiling door houtverbranding?

Een eerste argument voor het verbranden van hout is de zogenaamde CO2-neutraliteit. De hoeveelheid CO2 die vrijkomt bij verbranding is even hoog als de hoeveelheid die de boom heeft opgeslagen tijdens zijn groei. Hout is een hernieuwbare grondstof die kan worden gebruikt ter vervanging van fossiele brandstoffen zoals aardolie en steenkool.

Maar ook hier zijn kanttekeningen bij te plaatsen. De uitstoot bij verbranding mag dan wel worden gecompenseerd, maar de uitstoot bij exploitatie, eventuele verwerking en transport is dan nog niet in rekening gebracht. Bovendien moet het hout dat wordt opgestookt ook terug aangeplant worden. Als dat niet gebeurt, komt er alleen maar meer CO2 in onze atmosfeer terecht. Afhankelijk van de boomsoort duurt het overigens ook enkele decennia vooraleer dezelfde hoeveelheid uitgestoten CO2 terug opgenomen is door de groei. Deze periode staat gekend als de koolstofschuld.

Toch houdt het argument steek, zeker wanneer het brandstofhout afkomstig is van zaagmeel dat een afvalproduct is van de verwerking tot hoogwaardigere houtproducten zoals meubels, parket en constructiehout. Door dit gedroogde zaagmeel samen te persen tot korrels, pellets, kan het optimaal worden vervoerd en verbrand. Verbranding voor warmteproductie is erg efficiënt en een duurzaam alternatief voor fossiele brandstoffen. Het wordt een ander verhaal wanneer deze pellets enkel worden aangewend voor de productie van elektriciteit.

Naast het koolstofargument zijn er nog andere positieve aspecten (en tradities die – of je het nu wil of niet – zeker nog niet zo snel zullen uitdoven):
• de gezelligheid bij een kampvuur, haardvuur of kachel (en het feit dat dit een van de oudste vaardigheden en bezigheden van de mens is)
• heel wat particulieren kopen of verzagen brandhout en komen hiervoor meer in bos- of natuurgebieden; ze bouwen een goede band op met beheerders en het draagvlak voor bos en natuur vergroot.

Effecten

Hét discussiepunt is natuurlijk de impact van houtverbranding op de luchtkwaliteit. Dat er vervuilende stoffen vrijkomen die een negatief effect hebben op onze gezondheid staat vast: verschillende fracties fijn stof, koolstofmonoxide, stikstofoxiden en een aantal kankerverwekkende stoffen zoals benzeen en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s).

De cijfers van de VMM zijn niet uit de lucht gegrepen, ook internationale studies behandelen de materie en Scandinavische instituten van volksgezondheid zijn er sterk mee bezig. Zo geven Bølling et al. (2009) aan dat er steeds meer bewijs is voor de associaties tussen blootstelling aan houtrook en verschillende gezondheidseffecten zoals vermindering van de longfunctie, verminderde weerstand tegen infecties en toename en versterking van astma. Ook linken met cardiovasculaire effecten werden aangetoond, maar nog lang niet alle biologische effecten zijn duidelijk.

We moeten ook nuanceren: niet alle stoffen komen bij elke verbranding vrij en sommige zijn minder schadelijk dan andere. Zo zal een optimale verbranding veel minder schadelijke uitstoot leveren. Verschillende factoren bepalen hoe compleet een verbranding is: het type brandstof, het vochtgehalte, de luchttoevoer en de verbrandingstechnologie. Pelletkachels of moderne kachels waarin kurkdroog hout verbrand wordt, stoten dus al heel wat minder schadelijke stoffen uit.

In welke mate de uitgestoten stoffen ook echt voor een schadelijke omgevingslucht zorgen, hangt af van het seizoen, de dag en zelfs het tijdstip. Vooral stabiele weersomstandigheden in de winter zorgen voor problematische fijnstofconcentraties. Een studie in de winter van 2015-2016 door de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) toonde bijvoorbeeld aan dat houtverbranding in de winter bijdraagt tot één derde van de totale hoeveelheid fijn stof in de lucht. Een Duitse studie (Bari et al., 2010) toonde eerder ook al aan dat gemiddeld 59% van PM10, een bepaalde fractie fijn stof, in een woongebied afkomstig was van houtverbranding.

Naast de impact op de buitenlucht, moeten we ons ook zéér bewust zijn van de effecten van houtverbranding op de luchtkwaliteit binnenshuis. Een open haardvuur of zelfs een cassettekachel waar je geregeld het deurtje opent om nieuwe houtblokken op het vuur te leggen, zorgt voor een niet te onderschatten aanvoer van schadelijke stoffen binnenshuis. Ook hier is de boodschap dus: geniet, maar doe het met mate. Zorg voor een zo schoon mogelijke verbranding, door gebruik te maken van droog proper hout in een goede en goed onderhouden kachel. En verlucht je woning!

Conclusie

Moet iedereen nu helemaal stoppen met het verbranden van hout (in de winter)? Absoluut niet, maar er van bewust zijn, minder stoken (zeker in stedelijke omgeving) en weten hoe je een betere verbranding krijgt, is wel nodig. Een erkenning van de problematiek en initiatieven om hout duurzamer te gebruiken zijn nodig. De overheid maakte een lijstje met 15 tips om duurzamer te stoken.

« Terug